Asphondylia phlomidis Trotter, 1901

Diptera, Cecidomyiidae

op Phlomis

on Phlomis

gal: Volgens Skuhravá, Skuhravý & Ebejer (2002a) ontwikkelen de larven zich in de gezwollen bladknoppen. Houard geeft echter een geheel afwijkende beschrijving: gal ± bolvormig met een diameter van 3-5 mm, gelijkelijk zichtbaar aan beide zijden van het blad, vaak nabij de bladrand die dan ingesneden schijnt; soms op de bladsteel, minder vaak op de takken. Galkamer enkel, ruim; wand dun.

gall: According to Skuhravá, Skuhravý & Ebejer (2002a), the larvae develop on the swollen leaf buds. However, Houard gives a completely different description of the gall: gall subglobular, diameter 3-5 mm, equally visible at either side of the leaf, often near the margin, giving the impression of an incision; sometimes on the petiole, more rarely on the stem. Gall chamber unique, spacious; wall thin.

waardplanten: Lamiaceae, monofaag

hostplants: Lamiaceae, monophagous

Phlomis cretica, fruticosa, tuberosa.

literatuur:

references:

Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Gagné (2010a), Houard (1909a), Skuhravá & Skuhravý (1994a, 1997b), Skuhravá, Skuhravý & Ebejer (2002a).

27/09/2014