Buhriella rubicola Stelter, 1960

Diptera, Cecidomyiidae

op Rubus

on Rubus

gal: 5-7 mm lange en 2-3 mm dikke, vooral onderzijds uitpuilende opzwelling van een hoofd- of zijnerf. Larve eerst wittig, uiteindelijk zwavelgeel. Verpopping en overwintering in de grond. Nadat de larve de gal verlaten heeft valt de zwelling samen en verkleurt naar zwartviolet, terwijl zich rond de gal een grote gele of rode vlek vormt. Univoltien.

gall: 5-7 mm long and 2-3 mm thick, mainly undersides prominent swelling of a main or lateral vein. Larva whitish at first, eventually sulphur yellow. Pupation and hibernation in the soil. The vacated gall collapses and turns black-violet, surrounded by a wide yellow or red discolouration. Univoltine.

waardplanten: Rosaceae, (nauw?) monofaag

hostplants: Rosaceae, (narrowly?) monophagous

Rubus idaeus.

literatuur:

references:

Buhr (1965a), Gagné & Jaschhof (2014a), Skuhravá & Skuhravý (1997b, 1999b, 2010a,b), Skuhravá, Skuhravý & Meyer (2014a).

24/08/2015