Lipara rufitarsis Loew, 1858

Diptera, Chloropidae

Phragmites australis, Zeewolde, Wilgenreservaat; © Arnold Grosscurt. Op de foto is goed te zien dat de waardplant groeit op een suboptimale standplaats.

Lipara rufitarsis gall

Phragmites australis, Zeewolde, Wilgenreservaat; © Arnold Grosscurt. The picture clearly illustrates that the host plant is growing in a suboptimal situation.

geopende mijn; de gal is niet verhout en weinig verdikt; de galkamer ligt binnen de verkorte stengelleden.

Lipara rufitarsis gall, opened

opened mine; the gall is not lignified and little thickened; the gall chamber lies within the shortened internodes.

Phragmites australis, Oostvoorne: kop van de larve lateraal, voorspiraculum

Lipara rufitarsis larva Lipara rufitarsis larva

Phragmites australis, Oostvoorne: head of the larva lateral, front spiraculum

mondveld, achterspiracula (dorsaal)

Lipara rufitarsis larva Lipara rufitarsis larva

mouth field, rear spiracula (dorsal)

gal De larve begint zijn bestaan tussen de jongste bladeren, maar boort zich al spoedig door het groeipunt heen naar beneden en voedt zich vervolgens met het inwendige van de stengeltop. De bovenste 2-4 stenggelleden zijn zeer sterk verkort, hun bladscheden zijn samengetrokken. De solitaire, gelige, larve ligt in een larvekamer juist onder het groeipunt; de wand van de larvekamer is niet verdikt, groen, en raakt later niet verhout. Eén generatie, verpopping in de gal na de winter. De maximale dikte van de gal is minder dan tweemaal zo groot is die van het eronder gelegen stengellid.

gall The larve begins its existence between the youngest leaves, but soon bores itself down through the growing point and hence feeds upon the inside of the very tip of the stem. The topmost 2-4 internodes are completely shortened, their leaf sheaths are contracted. The solitary, yellowish, larva lies in a chamber just below the growing point; the wall of the larval chamber is not thickened, green, and is not sclerified after the summer. Pupation internal, after hibernation. The maximal thickness of the gall is less than twice the thickness of the stem just below.

waardplanten: Poaceae, monofaag

hostplants: Paceae, monophagous

Phragmites australis.

synoniemen Calamoncosis tomentosa Macquart.

synonyms Calamoncosis tomentosa Macquart.

opmerkingen De eieren, larven en poppen worden beschreven door Grochowska (2007a). In tegenstelling tot Chvála ea, die de larve met enige nadruk als gelig beschrijven (in tegenstelling tot lucens), noemt zij de volgroeide larve melkig.

notes The eggs, larvae and pupae are described by Grochowska (2007a). However, contarary to Chvála ao, who stress that the larve is yellowish in colour (as opposed to lucens), she describes the colour of the third instar larva as milky.

literatuur

references

Baetens & De Bruyn (1999a), Buhr (1965a), Chvála, Diskočil, Mook & Pokorný (1974a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Grochowska (2007a), Nartshuk (2011a), Redfern & Shirley (2011a), Roskam (2009a), Schwarzländer & Häfliger (2000a), Spooner & Bowdrey (2012a), Tomasi (2014a).

05/08/2015