Anthracocystis cenchri (Lagerheim) McTaggart & Shivas, 2012

Fungi, Ustilaginaceae

op Cenchrus

on Cenchrus

gal: de bloeiwijze is veranderd in een donkerbruine massa korrelig-poederige sporenballen en draadvormige vaatbundelresten. Aanvankelijk is het geheel nog omsloten door de bladschede en bedekt door een vliesje van schimmelmateriaal, dat later afbladdert. De 40-80 µm lange sporenballen die bestaan uit een groot aantal sporen, vallen gemakkelijk uiteen.

gall: the inflorescence is transformed into a dark brown granular-powdery mass of spore balls and threadlike remnants of vascular bundles. Initially the whole is still covered by the leaf sheath and by a membrane of fungal material, that later flakes off. The 40-80 µm long spore balls, consisting of a large number of spores, easily desintegrate.

waardplanten: Poaceae, monofaag

hostplants: Poaceae, monophagous

Cenchrus longispinus, spinifex.

synoniemen: Sporosorium cenchri (Lagerheim) Vánky, 1985.

synonyms: Sporosorium cenchri (Lagerheim) Vánky, 1985.

literatuur:

references:

Savchenko & Heluta (2012a), Savchenko, Heluta & Umanets (2010a), Vánky (1994a).

22/10/2016