Anthracoidea eleocharidis Kukkonen, 1964

Fungi, Anthracoideaceae

op Carex

on Carex

gal: de inhoud van de urntjes, die uiteindelijk openbarsten, is vervormd tot een bolvormige hard zwart lichaampje, 2-3 mm groot, bestaande uit verkleefde sporen; aanvankelijk is het bekleed met een zilverig vliesje, dat later afbladdert. De sporen zijn 11-20 µm lang, de wand is gelijkmatig van dikte, papillaat.

gall: the contents of the ultimately rupturing utriculi is transformed into a globular hard, black body, 2-3 mm in size, consisting of agglutinated spores; initially it is covered by a silvery membrane, that later flakes off. The spores are 11-20 µm long, their wall is even in thickness, and papillate.

waardplanten: Cyperanceae, nauw monofaag

hostplants: Cyperaceae, narrowly monophagous

Carex stenophylla.

De schimmel is niet bekend uit Europa, maar is op deze zegge te verwachten.

The fungus is unknwon in Europe, but to be expected on this sedge.

literatuur:

references:

Vánky (1994a), Vánky & Abbasi (2013a).

15/08/2015