Erysiphe akebiae (Sawada) Braun & Takamatsu, 2000

Fungi, Erysiphaceae

op Akebia

on Akebia

gal: mycelium, wit, beiderzijdig, veroorzaakt soms een purperen verkleuring van het blad. Conidia solitair, elliptisch, zonder fibrosine-lichaampjes. Cleistothecia met 3-17 asci, die 5-8 sporen bevatten. Aanhangels 4-18, equatoriaal aangehecht, stijf, onvertakt, 1-5 x zo langs als zijn diameter, met 0-1 sept. Aan het uiteinde zijn ze ze enige malen dichotoom vertakt.

gall: mycelium white, amphigenous, sometimes causing a purplish discolouration. Conidia solitary, elliptic, without fibrosin bodies. Cleistothecia with 3-17 asci, that contain 5-8 spores.Appendages 4-8, attached to the equator, stiff, unbranched, 1-5 times the diameter, with 0-1 sept. At the very tip they are repeatedly forked.

waardplanten: Lardizabalaceae, monofaag

hostplants: Lardizabalaceae, monophagous

Akebia quinata, trifoliata.

literatuur:

references:

Beenken & Senn-Irlet (2016a), Braun & Cook (2012a), Klenke & Scholler (1995a).

11/12/2016