Erysiphe betae (Vaňha) Weltzien, 1963

Fungi, Erysiphaceae

op Amaranthaceae

on Amaranthaceae

gal: mycelium beiderzijdig, ± blijvend. Appressoria gelobd, enkel of gepaard. Conidia solitair, elliptisch, zonder fibrosine-lichaampjes. Cleistothecia met 3-8 asci, die 3-5 sporen bevatten. Aanhangels talrijk, sub-equatoriaal, 0.5-1.5 x de diameter; ze zijn mycelioid, gesepteerd, nabij de basis ± bruin, al dan niet vertakt, soms bijna koraalachtig vertakt.

gall: mycelium amphigenous, ± persistent. Appressoria lobed, single or paired. Conidia solitary, elliptic, without fibrosin bodies. Cleistothecia with 3-8 asci, that contain 3-5 spores. Appendages numerous, sub-equatorial, 0.5-1.5 x the diameter; they are mycelioid, septate, basally ± brown, branched or not, sometimes even coralloid.

waardplanten: Amaranthaceae, monofaag

hostplants: Amaranthaceae, monophagous

Beta atriplicifolia, trigyna, vulgaris & subsp. maritima; Dysphania ambrosiodes, botrys; Patellifolia procumbens; Spinacia oleracea.

literatuur:

references:

Braun & Cook (2012a), Czerniawska (2001a), Klenke & Scholler (1995a), Mułenko, Piątek, Wołczańska, Kozłowska & Ruszkiewicz-Michalska (2010a), Negrean & Denchev (2000a), Özaslan, Hüseyin & Erdogdu (2014a).

30/07/2016