Erysiphe hedysari (Braun) Braun & Takamatsku, 2000

Fungi, Ascomycota, Leotiomycetes, Erysiphales, Erysiphaceae

op Anthyllis, Hedysarum

on Anthyllis, Hedysarum

opmerkingen: mycelium beiderzijdig, maar vooral op de stengels, wit, bijna blijvend. Conidia solitair gevormd, zonder fibrosine-lichaampjes. Cleistothecia in groepen, 100 -170 µm, met 5-15 asci, die 4-6 sporen bevatten. Aanhangsels 5-20, ± equatoriaal, 0.5-4 x de diameter; ze zijn niet mycelioid, dun, bochtig, alleen aan de basis bruin, onvertakt, met 0-2 septen; uiteinden deels onvertakt, deels 1-3 x slordig ± dichotoom vertakt.

notes: mycelium amphigenous but mainly on the stems, white, almost persistent. Conidia formed singly, without fibrosin bodies. Cleistothecia gregarious, 100-170 µm, with 5-15 asci that contain 4-6 spores. Appendages 5-20, ± equatorial, 0.5-4 x the diameter; they are not mycelioid, thin, flexuous, 0-2 septate, unbranched, only near the basis brown; apices partly simple, partly 1-3 times irregularly ± dichotomously branched.

waardplanten: Fabaceae, oligofaag

hostplants: Fabaceae, oligophagous

Anthyllis vulneraria subsp. maura; Hedysarum coronarium.

synoniemen: Microsphaera hedysari Braun, 1984.

synonyms: Microsphaera hedysari Braun, 1984.

literatuur

references

Braun (1995a), Braun & Cook (2102a).

23/12/2015