Hyaloperonospora nesliae (Gäumann) Göker, Rietmüller, Voglmayr, Weiss & Oberwinkler, 2004

Fungi, Oomycota, Peronosporaceae

op Neslia

on Neslia

gal: bovenzijde van het blad met bleke vlekken, rand vaak naar beneden gebogen, plant soms geheel misvormd. Onderzijde van de bladen met een grijzig schimmelovertrek dat bestaat uit tot 0.6 mm hoge rechtopstaande conidioforen die bovenaan enige malen vertakt zijn met aan elk uiteinde een ± kogelrond conidium.

gall: upperside of the leaf with pale spots, margin often downfolded; plant sometimes totally disfigured. Underside of the leaves with a greyish down of 0.6 mm high erect conidiophores that apically several times are branching, each tip bearing a ± globular conidium.

waardplanten: Brassicaceae, monofaag

hostplants: Brassicaceae, monophagous

Neslia paniculata.

synoniemen: Peronospora nesliae Gäumann, 1918.

synonyms: Peronospora nesliae Gäumann, 1918.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Buhr (1965a), Doppelbaur, Huber & Poelt (1965a), García-Blázquez, Constantinescu, Tellería & Martín (2007a), Gustavsson (1991a), Klenke & Scholler (2015a), Voglmayr (2003a).

17/09/2016