Hyaloperonospora tribulina (Passerini) Constantinescu, 2002

Chromista, Oomycota, Oomycetes, Peronosporaceae

op Tribulus

on Tribulus

gal: onderzijde van de bladen met een grijswit schimmelovertrek dat bestaat uit tot 0.5 mm hoge rechtopstaande conidioforen die bovenaan enige malen dichotoom vertakt zijn met aan elk uiteinde een conidium van 9-26 x 16-38 µm.

gall: Underside of the leaves with a a greysish white fungal cover of up to 0.5 mm high erect conidiophores that apically several times are branching, each branch ending in a conidium of 9-26 x 16-38 µm.

waardplanten: Zygophyllaceae, monofaag

hostplants: Zygophyllaceae, monophagous

Tribulus terrestris.

synoniemen: Peronospora tribulina Passerini, 1879.

synonyms: Peronospora tribulina Passerini, 1879.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Constantinescu & Fatehi (2002a), Klenke & Scholler (2015a), Negrean (1995a), Săvulescu (1948a), Voglmayr (2003a).

23/05/2017