Leveillula asterisci (Magnus) Braun, 2012

Fungi, Erysiphaceae

waardplanten: Asteriscus

hostplants: Asteriscus

gal: mycelium beiderzijdig, wit, begint al vlekken, ook inwendig. Appressoria gelobd of meervoudig gelobd, solitair. Conidioforen lang, draadvormig, in bundels, met en zeer lange basale cel; ze komen door de huidmondjes naar buiten. Conidia solitair. Het eerste conidium dat ze vormen is elliptisch, met apicaal een duidelijk afgezet spitsje dat bij later gevormde conidia ontbreekt. Cleistothecia beiderzijdig; ze bevatten 15-30 asci, die twee sporen bevatten. Aanhangsel zeer talrijk, mycelioid, aangehecht onder de equator, korter dan de diameter, niet of weinig vertakt.

gall: mycelium white, amphigenous, starting as patches; partly internal. Appressoria lobed or multilobed, solitary. Conidiophores, long, filiform, with a very long basal cell, in bundles, emerging through the stomata. Conidia single. The first conidium formed is lanceolate with a well-demarcated apiculus that is missing in later formed conidia. Cleistothecia amphigenous; they contain up 15-30 asci, that have two spores. Appendages very numerous, mycelioid, attached below the equator, shorter than the diameter, not or little branched.

waardplanten: Asteraceae, monofaag

hostplants: Asteraceae, monophagous

Asteriscus aquaticus.

literatuur:

references:

Braun & Cook (2012a).

15/11/2015