Monilinia johnsonii (Ellis & Everhart) Honey, 1936

Fungi, Ascomycota, Helotiales, Scclerotiniaceae

op Crataegus

on Crataegus

Crataegus monogyna, Amstelveen, Schinkelbos

Monilinia johnsonii: leaf spots on Crataegus monogyna

Crataegus monogyna, Amstelveen, Schinkelbos

Crataegus monogyna, Well (Li): bladvlek, met in het centrum een gorpeke conidiendragers

Monilinia johnsonii: leaf spot

Crataegus monogyna, Well (Li): leaf spot, with a group of conidiophores in the centre

detail

Monilinia johnsonii: conidiophores

detail

gal: De anamorf (conidiƫn-vormend stadium) maar bladvlekken. Die hebben aan de onder- of bovenzijde een grijs toefje conidioforen. De telomorf (geslachtelijke stadium) maakt gesteelde boekervormige paddesroeltjes op verdroogde en afgevallen vruchten.

gall: The anamorph (conidial stage) makes leaf spots. On the upperside or underside these have a small greyish colony of conidiophores. The telomorh (sexual stage) makes small stalked, cupulate mushrooms on fallen, dried, fruits.

waardplanten: Rosaceae, monofaag

hostplants: Rosaceae, monophagous

Crataegus monogyna.

synoniemen: Monilia crataegi Diedicke, 1904 (naam van de anamorph)

synonyms: Monilia crataegi Diedicke, 1904 (name of the anamorph)

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Ellis & Ellis (1997a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a).

07/01/2017