Neoƫrysiphe geranii (Nomura) Braun, 1999

Fungi, Ascomycota, Leotiomycetes, Erysiphales, Erysiphaceae

op Geranium

on Geranium

gal: mycelium beiderzijdig, ook op de stelen, diffuus, blijvend. Apppressoria tepelvormig maar vaker gelobd, meestal enkel. Conidia ovaal, gevormd in vrij korte ketens, zonder fibrosine-lichaampjes. Cleistothecia met 4-20 asci; deze rijpen pas na de overwintering. Aanhangsels van weinig tot 60, sub-equatoriaal, 0.3-5 x de diameter; ze zijn mycelioid, vrijwel geheel hyalien en hebben 0-8 septen.

gall: mycelium amphigenous, also on the stems, effuse, persistent. Appresoria nipple-shaped or more often lobed, mostly single. Conidia oval, formed in rather short chains, without fibrosin bodies. Cleistothecia with 4-20 asci, that ripen only after hibernation. Appendages from few to 60, sub-equatorial, 0.3-5 x the diameter; they are mycelioid, almost entirely hyaline, 0-8 septate.

waardplanten: Geraniaceae, monofaag

hostplants: Geraniaceae, monophagous

Geranium albiflorum, molle, nodosum, pratense, sibiricum, thunbergii.

Buiten Europa ook op Erodium.

Outside of Europe also on Erodium.

opmerkingen: Aziatische soort, in Europa ingevoerd.

notes: Asiatic species, introduced into Europe.

literatuur

references

Braun & Cook (2012a), Bresinsky (2016a), Klenke & Scholler (2015a), Kruse (2014a).

19/04/2017