Peronospora manshurica (Naumov) Sydow, 1923

Fungi, Oomycota, Peronosporaceae

op Glycine

on Glycine

gal: aan de onderzijde van de bladeren een bruinviolet dons dat bestaat uit rechtopstaande conidioforen die bovenaan enige malen dichotoom vertakt zijn met aan elk uiteinde een kohelrond conidium. Ingebed in het plantenweefsel liggen bruine, dikwandige, gladde, oosporen.

gall: at he underside of the leaves a purplish brown down of erect conidiophores that apically several times are dichotomously branching, each branch ending upon a globular conidium. Embedded in the host tissue lie brown, thick-walled, smooth, oospores.

waardplanten: Fabaceae, monofaag

hostplants: Fabaceae, monophagous

Glycine max.

literatuur:

references:

Choi, Constantinescu &; Shin (2007a), Choi, Denchev & Shin (2008a), García-Blázquez, Göker Voglmayr, Martín, Tellería & Oberwinkler (2008a), Göker, García-Blázquez, Voglmayr, Tellería & Martín (2009a), Hafellner (1980a), Klenke & Scholler (2015a), Müller & Kokeš (2008a), Negrean & Anastasiu (2006a).

20/09/2016