Peronospora trifolii-arvensis von Thümen, 1884

Fungi, Oomycota, Peronosporaceae

op Trifolium

on Trifolium

gal: toppen van de scheuten ziekelijk met verkorte internodiën. onderzijde van de bladen met een grijswit tot bruinviolet schimmelovertrek dat bestaat uit tot 0.7 mm hoge rechtopstaande conidioforen die bovenaan enige malen dichotoom vertakt zijn met aan elk uiteinde een conidium.

gall: tips of the shoots unhealthy, with shortened internodes. Underside of the leaves with a greyish white to purplish-brown fungal cover of 0.7 mm high erect conidiophores that apically several times are branching, each branch ending upon a conidium.

waardplanten: Fabaceae, monoofaag

hostplants: Fabaceae, monophagous

Trifolium arvense, aureum, badiumm campestre, dubium, patens, spadiceun.

synoniemen: Peronospora trifolii-minoris Gäumann, 1923 (synonymie volgens Klenke & Scholler).

Volgens García-Blázquez ea daarentegen is trifolii-minoris wel degelijkk een aparte soort, die parasiteert op alle hierboven genoemde soorten behave T., arvense.

de Index Fungorum (2016) beschouwt P. trifolii-arvensis als een ongeldig synoniem van P. trifoliorum.

synonyms: Peronospora trifolii-minoris Gäumann, 1923 (synonymy according to Klenke & Scholler).

Contrariwise, according to García-Blázquez ao trifolii-minoris in fact is a valid species, that parasitises all species listed above exceppt T., arvense.

the Index Fungorum (2016) considers P. trifolii-arvensis a mere junior synonym of P. trifoliorum.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Doppelbaur, Huber & Poelt (1965a), García-Blázquez, Göker Voglmayr, Martín, Tellería & Oberwinkler (2008a), Göker, García-Blázquez, Voglmayr, Tellería & Martín (2009a), Gustavsson (1991a), Klenke & Scholler (2015a), Kruse (2014a), Müller & Kokeš (2008a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a).

06/01/2017