Phragmidium fragariae Winter, 1884

Fungi, Basidiomycota, Pucciniomycetes, Pucciniales

op Potentilla

on Potentilla

Potentilla sterilis, Engeland, East Gloucestershire, VC33: aecia; © Malcolm Storey, BioImages

Phragmidium fragariae: aecia on Potentilla sterilis

Potentilla sterilis, England, East Gloucestershire, VC33: aecia; © Malcolm Storey, BioImages

Potentilla sterilis, Amstelveen, Thijsse-park: aangetast blad

Phragmidium fragariae on Potentilla sterilis

Potentilla sterilis, Amstelveen, Thijsse-park: infected leaf.

uredinia en telia aan de onderzijde van het blad

Phragmidium fragariae: uedinia and telia on Potentilla sterilis

uredinia and telia at the underside of the leaf

uredinium

Phragmidium fragariae on Potentilla sterilis: urediniun

uredinium

de uredinia zijn omringd door steriele hyphen; die blijven als een ring achter als de sporen uitgestoten zijn

Phragmidium fragariae on Potentilla sterilis: empty uredinium

the uredinia are surrounded by sterile hyphae; they form a ring after the spores have been shed

urediniospore

Phragmidium fragariae on Potentilla sterilis: urediniospores

urediniospore

telium

Phragmidium fragariae on Potentilla sterilis: telium

telium

teliosporen

Phragmidium fragariae on Potentilla sterilis: teliospores

teliospores

gal: geen waardwiseling. Spermogonia bovenzijdig, tussen epidermis en cuticula, vaak nabij de aecia. Meeste aecia onderzijdig zeer klein, op de nerven groter, geel, zonder peridium maar omringd door een krans van kleurloze, worstvormige gebogen paraphysen; sporen in ketens gevormd, dicht wrattig. Uredinia als de aecia, maar sporen enkel, gesteeld, sterk wrattig; de sporen verdrogen snel, en zien er dan wittig uit. Telia onderzijdig, zwart; sporen langgesteeld, elliptisch donkerbruin, een rijtje van ca 4 bijna gladde cellen, met aferonde topcel.

gall: no alternation of hostplant. Spermogonia epiphyllous, between epidermis and cuticula, often near the aecia. Aecia mostly hypophyllous, yellow, minute but larger on the veins, without a peridium but with a coronet of hyaline, saucage-shaped curved paraphyses; spores produced in chains, densely verrucose. Uredinia like the aecia, but spores single, pedicellate, strongly verrucose; the spores dry out quickly, and then look whitish. Telia hypophyllous black; spores long pedicellate, elliptic, dark brown, transversely divided into c. 4 almost smooth cells, the terminal one rounded, without an apiculus.

waardplanten: Rosaceae, monofaag

hostplants: Rosaceae, monophagous

Potentilla alba, alchemilloides, argentea, ?caulescens, carniolica, lineata, micrantha, montana, patula, pyrenaica, sterilis.

Niet op Fragaria (Klenke & Scholler). De vermelding van deze waardplant bij Termorshuizen &Swertz stammen mogeliijk uit verwisseling met de sterk op bosaardbei gelijkende P. sterilis?

Niet op Fragaria (Klenke & Scholler). The references to that host in Termorshuizen &Swertz probably concern P. sterilis, that has a treacherous similarity with F. vesca.

synoniemen: Phragmidium granulatum Fuckel, 1869.

synonyms: Phragmidium granulatum Fuckel, 1869.

literatuur:

references:

Bahcecioglu & Kabaktepe (2012a), Ellis & Ellis (1997a), Gäumann (1959a), Helfer (2005a), Henderson (2000a), Jage, Kruse, Kummer, Caspari, Regin & Schmitt (2013a), Klenke & Scholler (2015a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Kruse (2014a), Maier, Begerow, Weiß & Oberwinkler (2003a), Mayor (1973a), Petrova & Denchev (2004a), Poelt & Zwetko (1997a), Riegler-Hagler (2002a,b), Ritz, Maier, Oberwinkler & Wissemann (2005a), Scheuer & Bechter (2012a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Tóth (1994a), Vanderweyen & Fraiture (2007a), Wilson & Henderson (1966a), Woods, Stringer, Evans & Chater (2015a).

26/02/2017