Phragmidium violaceum (Schultz) Winter, 1880

Fungi, Uredinales, Phragmidiaceae

op Rubus

on Rubus

Rubus fruticosus, Vierhouten, Tureberg; © Arnold Grosscurt

Phragmidium violaceum

Rubus fruticosus, Vierhouten, Tureberg; © Arnold Grosscurt

onderzijde van het blad, met uredinia

Phragmidium violaceum

underside of the leaf, with uredinia

Rubus fruticosus, Vragenderveen: boven- en onderzijde van een blad met uredinia

Phragmidium violaceum; uredinia on Rubus fruticosus

Rubus fruticosus, Vragenderveen: upperside and underside of a leaf with uredinia

uredinium

Phragmidium violaceum: uredinium on Rubus fruticosus

uredinium

telium (links ook een uredinium)

Phragmidium violaceum: telium on Rubus fruticosus

telium (to the left also an uredinium)

urediniospore; diameter 22 µm

Phragmidium violaceum: urediniospore

urediniospore; diameter 22 µm

teliosporen; lengte 82 µm

Phragmidium violaceum: teliospores

teliospores; length 82 µm

gal: geen waardwiseling. Aecia, uredinia en telia onderzijdig, op de tegenoverliggende delen van het blad een intense violet-verkleuring veroorzakend. Aecia ook op violet-omrande opzwellingen van de stengel. Aecia zonder peridium maar omringd door een krans van kleurloze, worstvormige gebogen paraphysen; sporen in ketens gevormd, bestekeld. Uredinia eveneens omgeven door paraphysen, sporen enkel, gesteeld. Telia zwart; sporen langgesteeld, elliptisch donkerbruin, een rijtje van 3-5 wrattige cellen, aan de top overgaand in een scherp begrensd klein spitsje.

gall: no alternation of hostplant. Aecia, uredinia, and telia hypophyllous, causing an intense violet spot at the reverse side. Aecia also on violet-lined swellings of the stems. Aecia without a peridium but surounded by a circle of hyaline, saucage-shaped curved paraphyses; spores produced in chains, spinulose. Uredinia equally encircled by paraphyses, spores single, pedicellate. Telia black; spores long pedicellate, elliptic, dark brown, transversely divided into 3-5 verrucose cells, terminated by a short but well-defined apiculus.

waardplanten: Rosaceae, monofaag

hostplants: Rosaceae, monophagous

Rubus caesiuss, canescens, fruticosus, hirtus, laciniatus, lanuginosus, sanctus, ulmifolius, ursinus var. loganobaccus.

literatuur

references

Bahcecioglu & Kabaktepe (2012a), Brandenburger (1985a), Buhr (1965a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Dervis, Tok & Gunduz (2010a), Ellis & Ellis (1997a), Gäumann (1959a), Gjaerum (1982a, 1987a), Gjaerum & Dennis (1976a), Helfer (2005a), Henderson (2000a), Jage, Kruse, Kummer, Caspari, Regin & Schmitt (2013a), Jørstad (1953a), Kruse (2014a), Kruse & Jage (2014a), Maier, Begerow, Weiß & Oberwinkler (2003a), Petrova & Denchev (2004a), Poelt & Zwetko (1997a), Preece & Hick (1994a), Redfern & Shirley (2011a), Riegler-Hager (2000a), Ritz, Maier, Oberwinkler & Wissemann (2005a), Roskam (2009a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Sadravi, Ono, Pei & Rahnama (2007a), Schmid-Heckel (1985a), Schön (2014a), Scholler, Reinhard & Schubert (1996a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Unamuno (1942a), Vanderweyen & Fraiture (2007a), Wilson & Henderson (1966a), Woods, Stringer, Evans & Chater (2015a).

11/01/2017