Plasmopara petroselini Săvulescu & O Săvulescu, 1951

Fungi, Oomycota, Peronosporaceae

op Petroselinum

on Petroselinum

gal: bladeren met geelbruine vlekken. Onderzijde met een wittig schimmelovertrek dat bestaat uit rechtopstaande conidioforen die bovenaan enige malen vertakt zijn met aan elk uiteinde een ± kogelrond conidium.

gall: leaves with yellowis brown spots. Underside with a whitish fungal down consisting of vertical conidiophores that apically several times are branching, each branch ending upon a ± globular conidium.

waardplanten: Apiaceae, monofaag

hostplants: Apiaceae, monophagous

Petroselinum crispum.

literatuur

references

Brandenburger (1985a), Doppelbaur, Huber & Poelt (1965a), Klenke & Scholler (2015a), Müller & Kokeš (2008a).

17/09/2016