Plasmopara wilsonii Voglmayr, Fatehi & Constant. 2006

Chromista, Oomycota, Oomycetes, Peronosporales

op Erodium, Geranium

on Erodium, Geranium

gal: scherp begrensde bovenzijdige bladvlekken, aanvankelijk enkele mm groot, uiteindelijk soms het hele blad vullend, aanvankelijk bleek gelig, later ± violetbruin. Onderzijde met een grijswit viltig dons, bestaande uit 2 tot bijna 5 mm lange conidioforen. Ze zijn gelijkmatig van dikte; de laatste vertakkingen zijn aan de top opgezwollen. Voglmayr, Fatehi & Constantinescu (2006a) geven een gedetailleerde beschrijving.

gall: sharply delimited upper surface leaf spots, initially some mm large, ultimately often filling the entire leaf; pale yellowish at first, in the end violoaceous brown. Underside with a greyish white felty down, consisting of conidiophores. These are 2 to almost 5 mm high, very even in thickness; the ultimate branches are swollen at the very tip. Voglmayr, Fatehi & Constantinescu (2006a) present a detailed description.

waardplanten: Geraniaceae, oligofaag

hostplants: Geraniaceae, oligophagous

Geranium molle, phaeum.

Door Kruse ea in Duitsland gevonden op G. phaeum. In Noord-Amerika, waarvandaan de soort beschreven is, ondermeer gevonden op Geranium molle en Erodium cicutarium.

Found by Kruse ao in Germany on G. phaeum. The species was described from North America, and there it was recorded from, among other species, Geranium molle and Erodium cicutarium.

literatuur:

references:

Kruse, Thines & Choi (2016a), Voglmayr, Fatehi & Constantinescu (2006a).

19/07/2016