Podosphaera fugax (Penzig & Saccardo) Braun & Takamatsu, 2000

Fungi, Erysiphaceae

op Geranium

on Geranium

Geranium cf. molle, Nieuwendam

Podosphaera fugax: anamorph on Geranium cf. molle

Geranium cf. molle, Nieuwendam

conidia met fibrosine-lichaampjes

Podosphaera fugax: conidia

conidia with fibrosin bodies

conidia-keten

Podosphaera fugax: conidia chain

conidia chain

basis van een conidia-keten

Podosphaera fugax: foot cell

foot cell of a conidia chain

gal: mycelium beiderzijdig, ook vaak op de stengels en dan een persistente witte laag vormend. Conidia in ketens gevormd, met fibrosine-lichaampjes. Cleistothecia (zelden aanwezig) met één ascus die gewoonlijk acht sporen bevat. Aanhangsels vrij talrijk, ontstaan uit de basale helft van het cleistothecium, 1-5 x de diameter, myceloid, slap, septaat, meestal onvertakt.

gall: mycelium amphigenous, often also on stems an then forming a persistent white film. Conia formed in chains, with fibrosin bodies. Cleistothecia (rarely present) with a single ascus, containing usually eight spores. Appendages fairly numerous, originating at the basal half of the cleistothecium, 1-5 x the diameter, myceloid, flaccid, septate, mostly unbranched.

waardplanten: Geraniaceae, monofaag

hostplants: Geraniaceae, monophagous

Geranium collinum, columbinum, dissectum, divaricatum, macrorrhizum, molle, palustre, phaeum, pratense, pseudosibiricum, pusillum, pyrenaicum, robertianum, rotundifolium, sanguineum, strigosum, sylvaticum, tuberosum, wilfordii.

synoniemen: Sphaerotheca fugax Penzig & Saccardo, 1884.

synonyms: Sphaerotheca fugax Penzig & Saccardo, 1884.

literatuur:

references:

Buhr (1964b), Braun (1995a), Braun & Cook (2012a), Czerniawska (2001a), Jage, Kruse, Kummer, Caspari, Regin & Schmitt (2013a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Klenke & Scholler (2015a), Kruse (2014a), Ludwig (1974a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Scholler, Reinhard & Schubert (1996a).

06/01/2017