Podosphaera pericallidis Braun, 2012

Fungi, Erysiphaceae

op Pericallis

on Pericallis

gal: mycelium beiderzijdig, permanent, wit, niet verbruinend. Appressoria onduidelijk tot tepelvormig. Conidia in ketens gevormd, met fibrosine-lichaampjes, kort-elliptisch. Cleistothecia vooral bovenzijdig, met één ascus die gewoonlijk acht sporen bevat. Aanhangsels 4-15, sub-equatoriaal, 0.5-3 x de diameter; mycelioid, meestal onvertakt, bruin, gesepteerd.

gall: mycelium amphigenous, persistent, white, not turning brown. Appressoria indistinct to nipple-shaped. Conidia formed in chains, with fibrosin bodies, short-elliptic. Cleistothecia mainly epiphyllous, with a single ascus, containing usually eight spores. Appendages 4-15, sub-equatorial, 0.5-3 x the diameter; mycelioid, brown, septate, mostly unbranched.

waardplanten: Asteraceae, monofaag

hostplants: Asteraceae, monophagous

Pericallis hybrida.

literatuur

references

Beenken & Senn-Irlet (2016a), Braun & Cook (2012a), Klenke & Scholler (2015a).

11/12/2016