Puccinia allii (de Candolle) Rudolphi, 1829

Fungi, Basidiomycota. Pucciniomycetes, Pucciniales, Pucciniaceae

op Allium

on Allium

Allium schoenoprasum, Dronten © Arnold Grosscurt: uredinia

Puccinia alli: uredinia on Allium schoenoprasum

Allium schoenoprasum, Dronten © Arnold Grosscurt: uredinia

telia

"Puccinia alli: telia on Allium schoenoprasum

telia

hier zijn de telia streepvorming verlengd

Puccinia alli: uredinia and telia on Allium schoenoprasum

here the telia have become linear

Allium oleraceum, België, prov. Luik, Huy: uredia; © Jean-Yves Baugnée, det Arthur Vandenweyen

Puccinia allii

Allium oleraceum, Belgium, prov. Liège, Huy: uredia; © Jean-Yves Baugnée, det Arthur Vandenweyen

uredinia

Puccinia allii

uredinia

Allium vineale, den Helder, de Nollen: uredinium, ogeven door beginnende telia

Puccinia allii: uredinium on Allium vineale

Allium vineale, den Helder, de Nollen: uredinium, surroundnded by immature telia

Allium vineale, België, prov. Antwerpen, Mol © Carina Van Steenwinkel

Puccinia allii: teliospores on Allum vineale

Allium vineale, Belgium, prov. Antwerp, Mol © Carina Van Steenwinkel

groepje paraphysen

Puccinia allii: paraphyses

group of paraphysen

een enkele paraphyse

Puccinia allii: paraphyse

a single paraphyse

gal: geen waardwisseling. Spermogonia, aecia, uredinia en telia beiderzijdig. Spermogonia tussen de aecia. Aecia wit, in kringen. Uredinia tot 10 mm lang, gele tot oranje, lang door de epidermis bedekt, met wisselend aantal paraphysen. Telia klein, lang bedekt door de loodkleurige epidermis, later naakt en zwart. Rondom het telium, ook wel binnenin, vaak veel donkerbruine paraphysen; ze zijn deels aan de top vergroeid en vormen een mantel rondom het telium. Sporen 1-2 cellig op een tot 30 µm lange, afvallende steel. Het percentage ééncellige teliosporen varieert.

gall: no host alternation. Spermogonia, aecia, uredinia, and telia all amphigenous. Spermogonia between the aecia. Aecia white, in circles. Uredinia up to 10 mm, yellow to orange, long covered by the epidermis, with a variable number of paraphyses. Telia small, long covered by the lead grey epidermis, finally black and naked. Around the telium, to a lesser degree also within, often there are many dark brown paraphyses; they are apically fused, forming a protective layer around the telium. Spores 1-2 celled, on an up to 30 µm long, deciduous pedicel. The percentage of one-celled teliospores is variable.

waardplanten: Amaryllidaceae, monofaag

hostplants: Amaryllidaceae, monophagous

Allium ampeloprasum, ascalonicum, cepa, cyaneum, fistulosum, flavum, neapolitanum, oleraceum, roseum, rotundum, sativum, schoenoprasum, scorodoprasum, sphaerocephalon, subhirsutum, ursinum, sativum, vineale.

synoniemen: Puccinia mixta Fuckel, 1870; P. porri (Sowerby) Winter, 1884; Uromyces ambiguus (de Candolle) Léveillé, 1847. Maar zie hieronder:

synonyms: Puccinia mixta Fuckel, 1870; P. porri (Sowerby) Winter, 1884; Uromyces ambiguus (de Candolle) Léveillé, 1847. But see below:

opmerkingen: verscheidene auteurs menen dat P. alli als hierboven omschreven geen natuurlijke groep vormt. Met name Klenke & Scholler onderscheiden drie soorten: A - telia met paraphysen: P. allii; B - telia zonder paraphysen; B1 - urediniosporen met 10-12 poren: P. mixta; B2 - urediniosporen met 12-15 poren: U. ambiguus. Bij de twee laatstgenoemde soorten is het percentage eencellige teliosporen hoog, respectievelijk zeer hoog.

notes: several authors feel that P. alli, as diagnosed above, does not form a natural entity. In particular Klenke & Scholler distinguish three species: A - telia with paraphyses: P. allii; B - telia without paraphysen; B1 - urediniospores with 10-12 pores: P. mixta; B2 - urediniospores with 12-15 pores: U. ambiguus. In the latter two species the percentage of one-celled teliospores is high and very high, respectively.

literatuur

references

Bahcecioglu & Kabaktepe (2012a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Ellis & Ellis (1997a), Gäumann (1959a), Gjaerum (1976a, 1987a), Gjaerum & Dennis (1976a),Hafellner (1980a), Henderson (2000a, 2004a), Klenke & Scholler (2015a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Kruse (2014a), Losa España (1942a), Ludwig (1974a), Marková & Urban (1988a), Melgarejo Nárdiz, García-Jiménez, Jordá Gutiérrez, López González, Andrés Yebes & Duran-Vila (2010a), Negrean & Denchev (2000a), Poelt & Zwetko (1991a, 1997a), Riegler-Hagler (2002b), Sadravi, Ono, Pei & Rahnama (2007a), Sansford, Beal, Denton & Denton (2015a), Scheuer & Bechter (2012a), Scholler, Reinhard & Schubert (1996a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Vanderweyen & Fraiture (2011a), Wilson & Henderson (1966a), Woods, Stringer, Evans & Chater (2015a).

26/02/2017