Puccinia balsamitae (Strauss) Rabenhorst, 1844

Fungi, Basidiomycota. Pucciniomycetes, Pucciniales, Pucciniaceae

op Chrysanthemum, Tanacetum, Tripleurospermum

on Chrysanthemum, Tanacetum, Tripleurospermum

gal: Geen waardwisseling. Spermogonia onderzijdig, gelig, op bleke plekken. Geen aecia. Uredinia beiderzijdig, roodbruin; sporen eencellig, fijn-bestekeld 3 kiemporen, elk bedekt door een opvallende, hyaliene, gladde papil. Telia beiderzijdig, zwartbruin, poederig; sporen tweecellig, breed-ovaal, 21-33 x 38-54 µm, dicht wrattig, op een korte, slappe, afvallende steel.

gall: No hostplant alternation. Spermogonia hypophyllous, yellowish, on pale spots. No aecia. Uredinia amphigenous, reddish brown; spores one-celled, spinulose. with 3 germation pores, each one capped by a conspicuous, hyaaline, smooth papilla. Telia amphigenous, blackish brown, pulverulent; spores two-celled, braod-oval, 21-33 x 38-54 µm, densely verrucose, on a short, flaccid deciduous pedicel.

waardplanten: Asteraceae, oligofaag

hostplants: Asteraceae, oligophagous

Glebionis segetum; Tanacetum balsamita, coccineum, macrophyllum, parthenium; Tripleurospermum inodorum, maritimum.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Buhr (1964b, 1965a), Gäumann (1959a), Gjaerum (1986a), Klenke & Scholler (2015a), Negrean & Anastasiu (2006a), Poelt & Zwetko (1997a), Termorshuizen & Swertz (2011a) .

14/03/2017