Puccinia cladii Ellis & Tracy, 1895

Fungi, Uredinales, Pucciniaceae

op Cladium

on Cladium

gal: Geen waardwisseling, geen spermogonia of aecia. Uredinia en telia bruin respectievelijk zwartbruin, tot meer dan 2 cm lange strepen vormend op bladeren en stengel. Urediniosporen met 4, minder vaak 3, equatoriale kiemporen. Teliosporen tweecellig op tot 10 µm lange, blijvende steel.

gall: No hostplant alternation, no spermogonia or aecia. Uredinia and telia brown and blackish brown, respectively, forming over 2 cm long stripes and leaves and stem. Urediniospores with 4, less often 3, equatorial germination pores. Teliospores two-celled, on up to 10 µm lang, persistent pedicel.

waardplanten: Cyperaceae, monofaag

hostplants: Cyperaceae, monophagous

Cladium mariscus.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Ellis & Ellis (1997a), Gäumann (1959a), Henderson (2000a, 2004a), Klenke & Scholler (2015a), Poelt & Zwetko (1997a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Wilson & Henderson (1966a), Woods, Stringer, Evans & Chater (2015a).

11/01/2017