Puccinia humilicola Hasler, 1937

Fungi, Basidiomycota. Pucciniomycetes, Pucciniales, Pucciniaceae

op Carex

on Carex

gal: geen waardwisseling, alleen uredinia en telia, beide onderzijdig, op verkleurde bladvlekken. Uredinia tot 0.5 mm, roodbruin, spoedig naakt. Urediniosporen 23-29 x 25-33 µm, fijn bestekeld, met 3 equatoriale poren. Telia tot 0.3 mm, zwart. Teliospren kort-elliptisch, twee-cellig, ± 20 x 33 µm; steel hyalien, tot 70 µm. De wand van de bovenste cel heeft hyaliene buitenlaag en een bruine binnenste laag.

gall: no host alternation, only uredinia and telia, both hypophyllous on discoloured leaf spots. Uredinia up to 0.5 mm, reddish brown, soon naked. Urediniospores 23-29 x 25-33 µm, spinulose, with 3 equatorial pores.Telia up to 0.3 mm, black. Teliospores two-celled, broad-elliptic, ± 20 x 33 µ,m. Pedicel hyaline, up to 70 µm. The top cell has a double-layered wall: outer layer hyaline, inner one brown.

waardplanten: Cyperaceae, nauw monofaag

hostplants: Cyperaceae, narrowly monophagpus

Carex humilis.

literatuur:

references:

Gäumann (1959a), Klenke & Scholler (2015a), Kummer (2012a).

11/11/2016