Puccinia hysteriiformis Peck, 1881

Fungi, Uredinales, Pucciniaceae

op Caryophyllaceae, Alsinoideae

on Caryophyllaceae, Alsinoideae

gal: Geen waardwisseling, uitsluitend telia. Ze zijn onderzijdig, lang bedekt door de epidermis, daarna poederig, zwart. Sporen twee-cellig zwak ingesnoerd, 14-19 x 38-52 µm, aan de top afgerond, pore van de topcel ± apicaal, die van de onderste cel tegen het septum aan; wand glad, apicaal sterk verdikt. Steel blijvend, tot 120 µm lang, grotendeels hyalien maar bovenaan bruin.

gall: No host plant alternation, telia only. They are hypophyllous, long covered by the epidermis, eventually pulverulent, black. Spores two-celled, weakly constricted, apically rounded, 14-19 x 38-52 µm, upper pore ± apical, lowee one close to the septum; wall smooth, apically strongly thickened. Pedicel persistent, up to 120 µm long, mostly hyaline but apical part brown.

waardplanten: Caryophyllaceae, oligofaag

hostplants: Caryophyllaceae, oligophagous

Arenaria serpyllifolia; Cerastium alpinum, arvense, boissierianum, brachypetalum, carinthiacum, cerastoides, tomentosum, uniflorum; Gypsophila repens; Minuartia recurva, verna.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Buhr (1964b), Gäumann (1959a), Kabaktepe & Bahcecioglu (2012a), Klenke & Scholler (2015a), Poelt & Zwetko (1997a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Terrier (1961a).

18/11/2016