Puccinia petasites-melicae Gäumann, 1942

Fungi, Basidiomycota. Pucciniomycetes, Pucciniales, Pucciniaceae

op Petasites

on Petasites

gal: afgezien van de waardplant niet te onderscheiden van Puccinia poarum.

gall: Apart from the host plant not distinguishable from Puccinia poarum.

spermogonia, aecia: Asteraceae, monofaag

spermogonia, aecia: Asteraceae, monophagous

Petasites albus, hybridus, paraddoxus.


op Melica

on Melica

gal: uredinia overwegend bovenzijdig, geel, soms met enige knotsvormige of gekopte paraphysen; sporen met ± 6 onopvallende kiemporen. Telia onderzijdig, klein, zwart, lang door de epidermis bedekt, door grote aantallen bruine kegelvormoge paraphysen in kleine compartimenten onderverdeeld; sporen twee-cellig, 19-23 x 49-55 µm, wand glad; steel blijvend.

gall: uredinia mostly epiphyllous, yellow, sometimes with some clavate or capitate paraphyses; spores with about 6 indistinct germination pores. Telia hypophyllous, small, black, long covered by the epidermis, divided into small sections by many brown, clavate paraphyses; spores two-celled, 19-23 x 49-55 µm, wall smooth, pedicel persistent.

uredinia, telia: Poaceae, nauw monofaag

uredinia, telia: Poaceae, narrowly monophagous

Melica nutans.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Buhr (1965a), Gäumann (1959a), Klenke & Scholler (2015a).

21/12/2016