Puccinia polygoni-alpini Cruchet & Mayor, 1908

Fungi, Basidiomycota. Pucciniomycetes, Pucciniales, Pucciniaceae

op Anthriscus, ? Carum

on Anthriscus, ? Carum

gal: Aecia bekervormig, met witte uitwaaierende rand, op witte bladvlekkem.

gall: Aecia cupulate, peridium white, fringed, on white leaf spots.

spermogonia, aecia: Apiaceae, monofaag ?

spermogonia, aecia: Apiaceae, ? monophagous

Anthriscus nitidus, sylvestris subsp. stenophyllus.

Misschien ook Carum carvi.

Perhaps also Carum carvi.


op Persicaria

on Pericaria

Persicaria alpina, uit Puccinia polygoni-alpini: teliosporen

Puccinia polygoni-alpini: teliospores

Persicaria alpina, from Puccinia polygoni-alpini: teliospores

gal: uredinia onderzijdig, bleekbruin, ca 1 mm; sporen verwijderd fijn-wrattig, 3-4 poren, elk bedekt door een lage papil. Telia onderzijdig, bruinzwart; teliosporen 2-cellig, de beide cellen ongeveer even groot, de onderste niet in de steel versmald. Kiempore van de onderste cel boven de equator. Steel hyalien, kort, afvallend.

gall: uredinia hypophyllous, pale brown, ± 1 mm; spores sparely verruculose, 3-4 pores capped by low papillae. Telia hypophyllous, blackish brown; teliospores 2-celled, both cells ± equally large, the lower one not tapering to the pedicel. Germination pore of the lower cell above the equator. Pedicel hyaline, short, deciduous.

uredinia, telia: Polygonaceae, nauw monofaag

uredinia, telia: Polygonaceae, narrowly monophagous

Persicaria alpina.

literatuur:

references:

Brandenburger (1965a: 85, 428, 435), Buhr (1964b), Gäumann (1959a), González Fragoso (1924a), Klenke & Scholler (2015a).

12/04/2017