Puccinia pratensis Blytt, 1896

Fungi, Uredinales, Pucciniaceae

op Helictochloa

on Helictochloa

gal: Geen waardwisseling; alleen uredinia en telia. Beide beiderzijdig, respectievelijk bleekbruin en donkerbruin. Uredinia zonder papraphysen; sporen met 5-9 kiemporen. Telia weinig gevormd, laat in de herfst; sporen twee-cellig, met een opvallend dikke, wrattige wand, op een kort, snel afbrekende steel.

gall: No host plant alternation; only uredinia en telia. Both are amphigenous, pale brown and dark brown, respectively. Uredinia without paraphyses, spores with 5-9 germination pores. Telia rarely formed, late in autumn; spores two-celled, with a conspicuously thick, verrucose wall, on short, easily deciduous pedicels.

waardplanten: Poaceae, nauw monofaag

hostplants: Poaceae, narrowly monophagous

Helictochloa pratensis.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Ellis & Ellis (1997a), Gäumann (1959a), Henderson (2000a, 2004a), Klenke & Scholler (2015a) , Poelt & Zwetko (1997a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Wilson & Henderson (1966a).

14/12/2016