Puccinia thuemeniana Voss, 1877

Fungi, Uredinales, Pucciniaceae

op Myricaria

on Myricaria

gal: Geen waardwisseling. Aecia wit, op roodbruine plekken op de bladen en takken. Uredinia bruin, op de onderzijde van de bladen; sporen met 3-5 verspreide kiemporen. Telia zeer klein, zwart, beiderzijdig op de bladen, ook op de takken; sporen tweecellig, fijn-wrattig, op een blijvende steel van 55-75 µm.

gall: No host plant alternation. Aevia white, on reddish brown spots on the leaves and branches. Uredinia brown, on the underside of the leaves; spores with 3-5 dispersed germination pores. Telia tiny, black, amphigenous on the leaves, also on the branches; spores two-celled, verruculose, on a persistent pedicel of 55-75 µm.

waardplanten: Tamaricaceae, monofaag

hostplants: Tamaricaceae, monophagous

Myricaria dahurica, germanica.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Buhr (1964b), Gäumann (1959a), Klenke & Scholler (2015a), Poelt & Zwetko (1997a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Tomasi (2014a).

23/12/2016