Puccinia verruca von Thümen, 1879

Fungi, Uredinales, Pucciniaceae

op Centaurea

on Centaurea

gal: geen waardwisseling; uitsluitend telia. De telia vooral onderzijdig, donkerbruin, kussenvormig, op sterk verkleurde plekken. Sporen tweecellig, glad, op een tot 60 µm lange blijvende steel; distale wand can de topcel sterk verdikt.

gall: no host plant alternation, only telia. Telia mainly hypohpyllous, dark brown, puvinate, on strongly discoloured spots. Spores two-celled, smooth, on a persistent pedicel of up to 60 µm; distal wall of the top cell strongly thickened.

waardplanten: Asteraceae, nauw oligofaag

hostplants: Asteraceae, narrowly oligophagous

Carthamus lanatus, tinctorius; Centaurea jacea, kotschyana, napifolia, phrygia, scabiosa & subsp. spinulosa, seridis subsp. sonchifolia, sicula, stoebe; Cyanus mollis, montanus

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a), Buhr (1964b), Gäumann (1959a), Klenke & Scholler (2015a), Poelt & Zwetko (1997a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Tomasi (2014a).

13/11/2016