Pucciniastrum epilobii Otth, 1861

Fungi, Uredinales, Pucciniastraceae

op Abies

on Abies

gal: spermogonia en aecia aan de onderzijde van de naalden. Spermogonia subcuticulair. Aecia in twee rijen, cylindrisch, ca 1 mm hoog, wit; sporen eivormig, fijn-wrattig maar met aan één zijde een gladde plek.

gall: Spermogonia and aecia hypophyllous. Spermogonia subcuticular. Aecia in two rows, cylindrical, c. 1 mm high; spores ovoid, finely verrucose, but at one side with a smooth spot.

spermogonia, aecia: Pinaceae, monofaag

spermogonia, aecia: Pinaceae, monophagous

Abies alba, balsamea, cephalonica, grandis, lasiocarpa, nordmanniana, pinsapo, sachalinensis var. maryiana.


op Onagraceae

on Onagraceae

Epilobium montanum, Loenen (Ge.), © Arnold Grosscurt

Pucciniastrum epilobii on Epilobium spec.

Epilobium montanum, Loenen (Ge.), © Arnold Grosscurt

onderzijde van een blad met uredinia

Pucciniastrum epilobii: uredinia on Epilobium spec.

underside of a leaf with uredinia

urediniosporen (herbarium-materiaal)

Pucciniastrum epilobii: urediniospores

urediniospores (herbarium specimen)

Epilobium spec., Engeland, Vice County: Berks, VC22: zelfs met een loupe-vergroting is te zien dat de uredinia middels een porie worden geleegd; © Malcolm Storey, BioImages

Pucciniastrum epilobii: uredinia on Epilobium

Epilobium spec., England, Vice County: Berks, VC22: even at hand lense magnification one can see that the uredinia are vacated through a pore; © Malcolm Storey, BioImages

gal: uredinia meest onderzijdig maar vaak ook op de stengels, zeer klein, talrijk, geel-oranje, bedekt met een peridium waarin een pore; de peridium-cellen rond de pore met verdikte, maar gladde wand. Telia als zeer kleine, onderzijdige korstjes, bruin. De teliosporen zijn subepidermaal, 2-4-cellig, bruin.

gall: uredinia mostly hypophyllous, also often on the stem, minute, numerous, yellow-orange covered by a peridium, with a central pore; the cells around the pore with a thickened, but smooth wall. Telia as minute, hypophyllous crusts. The teliospores are subepidermal, 2-4 celled, brown.

uredinia, telia: Onagraceae, breed oligofaag

uredinia, telia: Onagraceae, broadly oligophagous

Chamerion angustifolium; Clarkia amoena, elegans, purpurea; Epilobium alpestre, alsinifolium, anagallidifolium, ciliatum & subsp. glandulosum, collinum, dodonaei, duriaei, fleischeri, hirsutum, laxum, montanum, obscurum, pallidiflorum, palustre, parviflorum, roseum, tetragonum, tetragonum subsp. lamyi; Fuchsia magellanica, splendens; Lopezia racemosa; Oenothera acaulis, deflexa.

synoniemen: Pucciniastrum fuchsiae Hiratsuka, 1927 wordt gewoonlijk als synoniem van epilobi beschouwd, maar Beenken & Senn-Irlet schrijven dat DNA-onderzoek aangeef dat het een goede soort is, beperkt tot Fuchsia.

synonyms: Pucciniastrum fuchsiae Hiratsuka, 1927 is generally understood as a synonym of epilobi; however, Beenken & Senn-Irlet write that DNA-analysis rather indicate it is a valid species, limited to Fuchsia.

literatuur:

references:

Beenken & Senn-Irlet (2016a), Brandenburger (1985a), Ellis & Ellis (1997a), Gäumann (1959a), Gjaerum (1982a), Henderson (2000a, 2004a), Jage, Kruse, Kummer, Caspari, Regin & Schmitt (2013a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Klenke & Scholler (2015a), Kruse (2014a), Losa España (1942a), Mayor (1967a), McTaggart, Geering & Shivas (2014a), Maier, Begerow, Weiß & Oberwinkler (2003a), Negrean (1997a), Poelt & Zwetko (1991a, 1997a), Riegler-Hagler (2002b), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Scheuer & Bechter (2012a), Schmid-Heckel (1985a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Tomasi (2003a), Vanderweyen & Fraiture (2007a), Wilson & Henderson (1966a), Woods, Stringer, Evans & Chater (2015a).

11/01/2017