Schroeteriaster alpinus (Schroeter) Magnus, 1896

Fungi, Uredinales, Pucciniaceae

op Ranunculus

on Ranunculus

gal: Spermogonia hongingkleurig, in tot 8 mm grote groepen op verdikkingen van de bovenzijde van de bladen en de bladstelen. Aecia kleurloos op sterk veergalde plekken aan de onderzijde; spoen met ± 3 µm grote plaatvormige, geamkkelijk afvallende aanhangsels.

gall: Spermogonia honey-coloured in up to 8 mm large groups on swellings of the upperside of the leaves and the petioles. Aecia colourless on strongly galled spots at the underside; spores with ± 3 µm large, plate-like, easily detachable appendages.

spermogonia, aecia: Ranunculaceae, monofaag

spermogonia, aecia: Ranunculaceae, monophagous

Ficaria verna; Ranunculus alpestris, lanuginosus, montanus, polyanthemos subsp. serpens, repens, villarsii.


op Rumex

on Rumex

gal: Uredinia vooral onderzijdig, kaneelkleurig, nog geen halve mm groot; urediniosporen met vier poren. Telia eveneens vooral onderzijdig, nog geen mm, licht- tot donkerbruin, permanent bedekt door de epidermis, met een wasachtig of gelatineus aspect; onder de epidermis liggen ± tonvormige, gladde, dunnwandige teliosporen in verscheidene (mximaal 5) lagen.

gall: Uredinia mainly hypophyllous, cinnamon-coloured, less than half a mm; urediniospores with four pores. Telia hypophyllous as well, less than a mm, light to dark brown, permamently covered by the epidermis, looking waxy or gelatinous; below the epidermis lie ± barrel-shaped, smooth, thin-walled teliospores in several (maximally 5) layers.

uredinia, telia: Polygonaceae, monofaag

uredinia, telia: Polygonaceae, monophagous

Rumex alpinus, crispus, obtusifolius, sanguineus.

synoniemen: Uromyces alpinus Schröter, 1887.

synonyms: Uromyces alpinus Schröter, 1887.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a: 90, 152), Buhr (1965a), Klenke & Scholler (2015a), Gäumann (1959a), Schmid-Heckel (1985a), Zwetko & Blanz (2012a).

28/12/2016