Taphrina athyrii Siemaszko, 1923

Fungi, Ascomycota, Taphrinomycetes, Taphrinales

op Athyrium, Dryopteris

on Athyrium, Dryopteris

gal: tot 5 mm grote, niet verdikte, gele totbruine vlekjes op het blad, begrensd door een nerfje. Bij rijpheid ontwikkelt zich aan beide zijden een wittig overtrek van asci.

gall: up to 5 mm large, not thickened, yellow to bron spots on the leaf, bordered by a veinlet. At maturity a whitish bloom of asci develops at both sides.

waardplanten: Dryopteridaceae, Woodsiaceae, nauw polyfaag

hostplants: Dryopteridaceae, Woodsiaceae, narrowly polyphagous

Athyrium filix-femina; Dryopteris carthusiana, dilatata, filix-mas.

literatuur:

references:

Brandenburger (1985a: 5), Buhr (1964b), Ellis & Ellis (1997a), Klenke & Scholler (2015a), Mix (1949), Tomasi (2014a).

24/03/2017