Tilletia sesleriae Juel, 1894

Fungi, Basidiomycota, Exobasidiomycetes, Tilletiales

op Sesleria

on Sesleria

gal: lang, bruine, ietwat gezwollen striemen tussen de bladnerven die uiteindelijk openbarsten een een bruine, ± poederige, stinkende sporenmassa vrijgeven. De sporewand heeft een netstructuur. De aantasting is systemisch, aangetaste planten komen gewoonlijk niet in bloei.

gall: long, brown, somewhat swollen striae between the leaf veins that eventually rupture, releasing a brown, ± powdery, fetid mass of spores. The spore wall is reticulate. The infection is systemic, infected plants generally do not flower.

waardplanten: Poaceae, monofaag

hostplants: Poaceae, monophagous

Sesleria caerulea, rigida.

synoniemen: Ustilago sesleriae (Juel) Viennot-Bourgin, 1944.

synonyms: Ustilago sesleriae (Juel) Viennot-Bourgin, 1944.

literatuur:

references:

Buhr (1965a), Klenke & Scholler (2015a), Mayor (975a), Vánky (1994a), Zogg (1983a).

18/02/2017