Ustilago davisii Liro, 1924

Fungi, Ustilaginacese

op Glyceria

on Glyceria

gal: Sori in de vorm van lange donkere, parallele striemen over de bladeren, soms ook de bladscheden en halm; ze bevatten een zwartbruine poederige sporenmassa. Sporen 7-10 x 8-12 µm, glad. De aantasting is systemisch; geïnfecteerde planten komen gewoonlijk niet in bloei.

gall: Sori form long, dark parallel striae over the leaves, sometimes also the sheaths and culm; they contain a blackish-brown, powdery mass of spores. Spores 7-10 x 8-12 µm, smooth. The fungus is systemic; infected plants usually do not flower.

waardplanten: Poaceae, monofaag

hostplants: Poaceae, monophagous

Glyceria fluitans, maxima, notata, plicata.

opmerkingen: de sporen zijn aanmerkelijk groter dan bij de veel gewonere U. filiformis.

notes: the spores are appreciably larger than in the much more common U. filiformis.

literatuur:

references:

Buhr (1964b), Klenke & Scholler (2015a), Vánky (1994a).

28/04/2014