Plaats in het blad

De plaats van de mijn in de bladschijf wordt natuurlijk in de eerste plaats bepaald door het ei-leggedrag van het volwassen wijfje. De plaats waar het ei wordt afgezet is in veel gevallen heel constant. Vaak is dit bij de bladrand of onmiddellijk naast een zware nerf. Minder vaak wordt het ei afgezet in een nerfoksel of zomaar ergens op de bladschijf.

Bij Nepticulidae (dwergmotjes) is het vaak (maar niet altijd!) een soortskenmerk of het ei aan de boven-, of de onderzijde van het blad is afgezet.

bladwespen

Een aantal bladwespen zet hun eieren af precies in de bladrand. Daaronder zijn er soorten met een grote kieskeurigheid. Heterarthrus nemoratus zet de eieren af in de tanden van de bladrand ongeveer halverwege het blad. De oudste delen van de mijn kleuren bij deze soort diep wijnrood, waardoor de ontwikkeling van de mijn goed te reconstrueren is.

Heterarthrus nemoratus

Heterarthrus nemoratus op berk

Heterarthrus microcephalus zet de eieren uitsluitend af in de uiterste bladtop (Altenhofer, 1980b).

8417

Heterarthrus microcephalus op amandelwilg

spits

Trachys minutus is niet zo erg precies wat zijn waardplant betreft, maar het ei wordt onveranderlijk afgezet in een spits deel van het blad: de top, de top van heen bladlob, of een bladrandtand.

8638

Trachys minutus op iep; ovipostie (het zwarte druppeltje) op een bladrand-top

beginnen als boorder

Het eerste deel van de mijn kan zich ook bevinden binnen de bladsteel of de hoofdnerf; de larve is in dat stadium eigenlijk geen mineerder maar een boorder. Op zeker moment begint de larve dan een blaas of gang te maken in de bladschijf. Gewoonlijk trekt de larve zich tijdens vreetpauzes of bij gevaar terug in de beschutting van de boorgang.

11636

Ectoedmia hannoverella op canadapopulier

Verscheidene Ophiomyia-soorten leven als larve in de holle hoofdnerf van de Liguleae (‘gele composieten’). Van daar uit maken ze brede, lobbige gangen in de bladschijf.

8774

Ophiomyia pulicaria op paardenbloem

gelijkend

Ook voor plaats en vorm van de mijn van Liriomyza strigata is de hoofdnerf bepalend. Maar in tegenstelling tot bij Ophiomyia leeft de larve niet in, maar bovenop de hoofdnerf. Hij kan zich niet terugtrekken in de holle nerf. Mede daardoor bevatten de zijtakken van L. strigata een normale hoeveelheid frass, terwijl bij Ophiomyia bijna alle frass in de hoofdnerf wordt gedeponeerd (aan de uiterste basis, op de grens tussen stengel en blad.)

7319

Liriomyza strigata op melkdistel

04/01/2016

pub 4.i.2016 ยท mod 1.viii.2017