Lepidoptera: Incurvariidae

Een kleine, cosmopolitische familie. De larven leven aanvankelijk als mineerders; na verloop van tijd maken sommige soorten (Incurvaria wel, Phylloporia niet) een uitsnede uit de mijn door een ovaaltje te knippen uit onder- en bovenepidermis van de mijn en de twee lapje aaneen te spinnen. Ze laten zich daarmee op de grond vallen, en zetten hun larvale bestaan voort in draagbare huisjes, terwijl ze van bladstrooisel leven. Dit laatste dieet hebben ze gemeen met de nauw verwante familie Adelidae (de bekende langsprietmotjes), waarmee ze door Heath & Pelham-Clinton (1976a) zelfs tot één familie verenigd worden. Incurvariidae en soorten van de verwante familie Heliozelidae zettten hun eieren middels een gechitiniseerde legboor af in het bladweefsel (Davis, 1987a; Dziurzynski, 1958a; Emmet, 1974a).

A small, cosmopolitan family. The larvae initially live as miners; after some time a number of species (Incurvaria does, Phylloporia doesn't) make an excision in the mine by cutting an oval flap out of the upper and lower epidermis of their mine, and spinning the two together to a portable case. They then drop to the ground and continue their laval existence feeding on dead plant material. They share this diet with the closely related family Adelidae with whom the even are united by Heath & Pelham-Clinton (1976a). Incurvariidae and species of another closely related family, the Heliozelidae, insert their eggs into the plant tissue by means of a sclerotised ovipositor (Davis, 1987a; Dziurzynski, 1958a; Emmet, 1974a).

literatuur:

references:

Davis (1987a), Dziurzynski (1958a), Emmet (1974a), Heath & Pelham-Clinton (1976a), Sterling, Parsons & Lewington (2012a).

23/11/2014