Ceutorhynchus napi Gyllenhal, 1837

Coleoptera, Curculionidae

mijn De larve is essentieel een boorder in bladsteel of stengel. Enkele larven (volgens Hering, 1957a veel, volgens Scherf, 1964a 1-3) leven daar in een holte bijeen; ter plekke is de stengel galachtig opgezwollen. Van daar uit belanden larven een enkele maal in de bladschijf.

mine The larva essentially is a borer in petiole or stem. Some larvae (many, according to Hering [1957a], 1-3, according to Scherf [1964a]) live there together in a cavity. At that point the stems is galled and swollen. From there sometimes a larva strays into the leaf blade.

waardplanten: Brassicaceae, oligofaag

hostplants: Brassicaceae, oligophagous

Barbarea intermedia; Brassica napus, oleracea, rapa; Raphanus raphanistrum; Sinapis arvensis; Sisymbrium altissimum, officinale.

fenologie Larven in april-juli (Scherf, 1964a).

phenology Larvae in April-July (Scherf, 1964a).

BENELUX

BE waargenomen (Curculionidae.be, 2010a).

NE waargenomen (Fauna Europaea, 2007; Heijerman, 1993a).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

BENELUX

BE observed (Curculionidae.be, 2010a).

NE observed (Fauna Europaea, 2007; Heijerman, 1993a).

LUX not observed (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa Van Denemarken en Polen tot het Iberisch Schiereiland, en van Frankrijk tot Bulgarije. Niet in de Brise Eilanden (Fauna Europaea, 2007).

distribution within Europe From Denmark and Poland tot the Iberian Peninsula and from France to Bulgaria; not in the British Isles (Fauna Europaea, 2007).

larve Scherf (1964a).

larva Scherf (1964a).

literatuur

references

Buhr (1964b, 1965a), G√ľnthart (1949a), Heijerman (1993a), Hering (1957a), Scherf (1964a), Tomasi (2014a), Vorst (2010a).

12/06/2015