Dibolia foersteri Bach, 1859

Coleoptera, Chrysomelidae

mijn Zeer doorzichtige blaasmijn, van waaruit korte, brede uilopers kunnen uitgaan. Frass geconcentreerd in het centrum. De larve verpopt buiten de mijn (Doguet, 1994a; Hering, 1957a).

mine Very transparant blotch from which short broad lobes may extend. Frass concentrated in the centre. Pupation outside the mine (Doguet, 1994a; Hering, 1957a).

waardplanten: Lamiaceae, nauw monofaag

hostplants: Lamiaceae, narrowly monophagus

Stachys officinalis.

fenologie Larven in juni-juli (Hering, 1957a).

phenology Larvae in June-July (Hering, 1957a).

BENELUX

BE waargenomen (Fauna Europea, 2007).

NE zou zijn waargenomen volgens de Fauna Europea (2007), maar dit wordt niet bevestigd door Beenen & Winkelman (1993a).

LUX waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

BENELUX

BE recorded (Fauna Europea, 2007).

NE stated to be recorded by the Fauna Europaea (2007), but this is not confirmed by Beenen & Winkelman (1993a).

LUX recorded (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa Van Frankrijk, Duitsland, Polen en de Ukraine zuidwaars in Europa (Doguet, 1994a; Fauna Europaea, 2007).

distribution within Europe From France, Germany, Poland and the Ukraine southwards in Europe (Doguet, 1994a; Fauna Europaea, 2007).

literatuur

references

Beenen & Winkelman (1993a), Doguet (1994a), Hering (1930a, 1957a), Mohr (1981a).

25/05/2015