Longitarsus luridus (Scopoli, 1763)

Coleoptera, Chrysomelidae

mijn Vanuit de bladbasis loopt een aantal nauwe, vrij rechte en parallelwandige gangen de bladschijf in. De larve trekt zich regelmatig in de bladsteel terug, en door de heen- en weer wordt de frass aan weerszijden tegen de gangwand gedrukt. Verpopping buiten de mijn.

mine Several narrow, rather straight and parallel-sided corridors fan out from the petiole. The larva regularly retreats into the petiole, and this traffic causes the frass to become pressed against the corridor sides. Pupation outside the mine.

waardplanten: Plantaginaceae, monofaag

hostplants: Plantaginaceae, monophagous

Plantago major, media.

fenologie Larven in juli en september (Hering, 1957a).

phenology Larvae in July and September (Hering, 1957a).

BENELUX

BE waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

NE Nederlandse soort (Beenen & Winkelman, 1993a; Fauna Europaea, 2007).

LUX waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

BENELUX

BE recorded (Fauna Europaea, 2007).

NE Dutch species (Beenen & Winkelman, 1993a; Fauna Europaea, 2007).

LUX recorded (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa geheel Europa, incl. de Britse Eilanden (Fauna Europaea, 2007; Warchaowski, 2003a).

distribution within Europe The whole of Europe, including the British Isles (Fauna Europaea, 2007; Warchaowski, 2003a).

opmerkingen Soort uit het kustgebied (Hering, 1957a). Ogloblin & Medvedev (1971a) brengen de soort in verband met Rhinanthus.

notes Species of coastal areas (Hering, 1957a). Ogloblin & Medvedev (1971a) associate the species with Rhinanthus.

literatuur

references

Beenen & Winkelman (1993a), Drăghia (1974a), Hering (1957a), Maček (1999a), Ogloblin & Medvedev (1971a), Sønderup (1949a), Warchalowski (2003a).

modif. 9.i.2008