Agromyza demeijerei Hendel, 1920

Diptera, Agromyzidae

Laburnum anagyroides, Amsterdam

8208_2

Laburnum anagyroides, Amsterdam

in de bladvoet

8208_1

in the leaf base

mijn Haakvormige bovenzijdige secundaire blaasmijn. Het begin is een vrij smal gangetje, in het centrum van het blad; vandaar loopt de gang, aanvankelijk slechts weinig breder worden, sterk kronkelend in de richting van de bladrand. Vaak keert daar de richting om; altijd wordt de gang daar snel zeer breed. Frass vervloeiend, in een brede groene middenband. Primaire en secundaire vraatlijnen zeer duidelijk. Oude mijnen verdrogen en verbruinen, worden uiteindelijk wittig. Verpopping buiten de mijn.

mine Hooklike, upper-surface secondary blotch. The mine starts as a rather narrow corridor in the centre of the leaf. From there the corridor runs in the direction of the leaf margin, not much widening, and quite tortuous. Once the leaf margin is reached the mine suddenly starts to widen strongly; often then also the direction of the mine switches. Frass deliquescent, in a wide, bright green central band. Primary and secondary feeding lines very prominent. Older mines wither and turn brown, later white. Pupation outside the mine.

waardplanten: Fabaceae, oligofaag

hostplants: Fabaceae, oligophagous

Laburnum anagyroides; Thermopsis lupinoides; Wisteria sinensis.

Door Hering (1957a) onder voorbehoud ook vermeld van Lupinus.

With reservation also mentioned by Hering (1957a) from Lupinus.

fenologie Larven vooral van midden juni midden juli, in één generatie (Askew, 1968a). Klavs Nielsen vond in Denemarken echter op 5.x.2016 bezette en ogenschijnlijk volgroeide mijnen; dit zou een indictie kunnen zijn van een tweede generatie.

phenology Larvae mainly from mid June till mid July, in a single generation (Askew, 1968a). However, Klavs Nielsen found Denemarken on 5.x.2016 occupied, seemingly completely developed mines; this could indicate a second generation.

BENELUX

BE waargenomen (Mortelmans & Dekeukeleire, 2012a).

NE waargenomen (de Meijere, 1924a).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

BENELUX

BE recorded (Mortelmans & Dekeukeleire, 2012a).

NE recorded (de Meijere, 1924a).

LUX not recorded (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa Van Scandinavië tot het Iberisch Schiereiland, en van Engeland tot Popen (Fauna Europaea, 2007).

distribution within Europe From Scandinavia to the Iberian Peninsula, and from the UK to Poland (Fauna Europaea, 2007).

puparium Beschreven door de Meijere (1925a): glanzend geel.

puparium Described by de Meijere (1925a): shining yellow.

opmerkingen De biologie en parasitoiden worden besproken door Askew (1968a).

notes The biology, and the parasitoid assemblage, are described by Askew (1968a).

literatuur

references

Askew (1968a), Beuk (2002a), Buhr (1932a), van Frankenhuyzen Houtman & Kabos (1982a), Hartig (1939a), Kabos (1971a), Kollár & Hrubík (2009a), Maček (1999a), Matošević, Pernek, Dubravac & Barić (2009a), de Meijere (1924a, 1939a), Mortelmans & Dekeukeleire (2012a), Nowakowski (1954a), Papp & Černý (2015a), Robbins (1991a), Sønderup (1949a), Spencer (1953a, 1972a, 1976a), von Tschirnhaus (1999a).

06/11/2016