Agromyza nigrella (Rondani, 1875)

Diptera, Agromyzidae

mijn Gangmijn, meestal verscheidene in één blad, die van dichtbij de basis van de bladschijf richting bladtop lopen, dan omkeren en zich verbreden, zodat één collectieve mijn ontstaat waarin de larven in een gezamelijk front naar beneden afzakken (Hering, 1957a). Frass ietwat vervloeiend, mijn daardoor opvallend groenig. Verpopping buiten de mijn. Larven en mijnen niet te onderscheiden van die van A. mobilis.

mine corridor, usually several in one leaf, running from close to the leaf base up to near the tip, then reversing direction and widening, resulting in one communal mine in which the larvae descend in a common front (Hering, 1957a). Frass somewhat deliquescent, mine therefore strikingly green. Pupation outside the mine. Neither mine nor larva distinguishable from the one of A. mobilis.

waardplanten: Poaceae, oligofaag

hostplants: Poaceae, oligophagous

Alopecurus pratensis; Arrhenatherum elatius; Avena; Avenula; Briza; Bromopsis ramosa; Calamagrostis; Dactylis; Festuca; Glyceria; Holcus; Hordeum; Lolium; Milium effusum; Phalaris; Phleum; Poa; Secale; Setaria; Trisetum; Triticum.

Door de verwarring met A. mobilis is dit lijstje niet erg betrouwbaar. In het bijzonder waarnemingen van Hordeum, Secale en Triticum hebben grote kans betrekking te hebben op A. mobilis.

Because of confusion with A. mobilis this list is not reliable. In particular records fom Hordeum, Secale and Triticum may well refer to A. mobilis.

fenologie Larven in één generatie, in juli (Hering, 1957a).

phenology Larvae in one generation, in July (Hering, 1957a).

BENELUX

BE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

NE niet waargenomen (Beuk, 200a; Fauna Europaea, 2007).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

BENELUX

BE not recorded (Fauna Europaea, 2007).

NE not recorded (Beuk, 200a; Fauna Europaea, 2007).

LUX not recorded (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa Van Scandinavië tot Frankrijk, Italië en Servië, en van Engeland tot de Baltische Staten en Slowakijë (Fauna Europaea, 2007a); ook Japan (Sasakawa, 2005a).

distribution within Europe From Scandinavia to France, Italy and Serbia, and from the UK to the Baltic States and Slovakia (Fauna Europaea, 2007a) also Japan (Sasakawa, 2005a)..

puparium illustr: d'Aguilar, Chambon & Touber (1976a).

puparium illustr: d'Aguilar, Chambon & Touber (1976a).

synoniemen Agromyza abbreviata Malloch, 1913; A. barberi Frick, 1952.

synonyms Agromyza abbreviata Malloch, 1913; A. barberi Frick, 1952.

opmerkingen In beperkte mate schadelijk op granen, vooral tarwe (d'Aguilar, Chambon & Touber, 1976a; Darvas, Skuhravá & Andersen, 2000a).

In tegenstelling tot Hering schrijven Darvas, Skuhravá & Andersen (2000a) dat de eieren gewoonlijk nabij de bladtop worden afgezet, en dat de mijn zonder van richting te veranderen afdaalt.

notes A minor pest on cereals, mainly wheat (d'Aguilar, Chambon & Touber, 1976a; Darvas, Skuhravá & Andersen, 2000a).

Contrary to Hering's observations, Darvas, Skuhravá & Andersen (2000a) write that oviposition is near the leaf tip, and that the mine descends continuously from its start on.

literatuur

references

d'Aguilar, Chambon & Touber (1976a), Černý (2002a), Černý & Merz (2007a), Černý & Vála (1999a), Černý, Vála & Barták (2001a), Darvas, Skuhravá & Andersen (2000a), Dempewolf (2004a), Griffiths (1963a), Hering (1955b, 1957a), de Meijere (1928a), Pakalniškis (1990a, 1993a), Papp & Černý (2015a), Robbins (1991a) Sasakawa (2005a), Spadic (1991a), Spencer (1957g, 1966a, 1972a, 1973b, 1976a), Süss (1982a), von Tschirnhaus (1999a), Withers (2007a).

21/01/2017