Agromyza nigrociliata Hendel, 1931

Diptera, Agromyzidae

Arrhenatherum elatius, Amstelveen

Agromyza nigrociliata mine

Arrhenatherum elatius, Amstelveen

detail

Agromyza nigrociliata mine

detail

Arrhenatherum elatius, Nieuwendam

Agromyza nigrociliata mine

Arrhenatherum elatius, Nieuwendam

mijn Bovenzijdige, groenige, gaandeweg breder wordende gang in de bladschijf die aanvankelijk in de richting van de bladtop loopt, omkeert, en daarna weer afdaalt. Door samenvloeien van mijn vaak verscheidene larven in een mijn. Frass in in vaak uitgelopen groenzwarte korrels. Verpopping buiten de mijn.

mine Upper-surface, greenish, gradually widening corridor, at first running towards the leaf tip, ,then reverses. Through fusion of several mines the final mine is often communal. Fras in backsih green grains, often washed out. Pupation outside the mine.

waardplanten: Poaceae, breed oligofaag

hostplants: Poaceae, broadly oligophagous

Apera spica-venti; Arrhenatherum elatius; Avena; Dactylis glomerata; Eymus caninus; Elytrigia repens; Helictochloa versicolor; Hordeum murinum; Phalaroides arundinacea; Secale cereale; Triticum aestivum.

fenologie Larven in juni (Hering, 1957a).

phenology Larvae in June (Hering, 1957a).

BENELUX

BE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

NE waargenomen (Ellis: vier vindplaatsen).

LUX waargenomen (Ellis: Kautenbach).

BENELUX

BE not recorded (Fauna Europaea, 2007).

NE recorded (Ellis: four localities).

LUX recorded (Ellis: Kautenbach).

verspreiding binnen Europa Van Denemarken tof het Iberisch Schierland de Alpen en Hongarije, en van Engeland tot Wit-Rusland; mogelijk ook in Zweden (Fauna Europaea, 2007); recentelijk waargenomen in Finland (Kahanpää).

distribution within Europe From Denmark to the Iberian Peninsula, the Alps and Hungary, and from the UK to Belarus; possibly also in Sweden (Fauna Europaea, 2007); recently found in Finland (Kahanpää).

opmerkingen Enigermate schadelijk op granen (Darvas, Skuhravá & Andersen, 2000a; Dempewolf, 2004a).

notes Minor pest on cereals (Darvas, Skuhravá & Andersen, 2000a, Dempewolf, 2004a).

literatuur

references

Beiger (1979b, 1989a), Benavent ao (2004a), Bland (1994c), Černý (2001a), Černý & Merz (2006a, 2007a), Černý & Vála (1999a), Černý, Vála & Barták (2001a), Darvas & Papp (1985a), Darvas, Skuhravá & Andersen (2000a), Dempewolf (2004a), Griffiths (1962a, 1963a, 1964a), Hering (1953, 1955b, 1957a), Kahanpää (2014a), de Meijere (1925a), Pakalniškis (1998a), Papp & Černý (2015a), Robbins (1991a), Spencer (1971a, 1972a, 1973b, 1976a), von Tschirnhaus (1982a, 1999a), Withers (2007a).

21/01/2017