Cerodontha handlirschi Nowakowski, 1967

Diptera, Agromyzidae

mijn Bovenzijdige, plaatselijk interparenchymale gang die enkele malen van richting wisselt maar uiteindelijk afdaalt, vaak tot in de bladschede. Frass in één enkele klomp. Puparium wordt in de mijn gevormd.

mine Upper-surface, locally interparenchymatous, gallery that changes its course a few times but enventually descends, often down to the leaf sheath. Frass deposited in one single lump. Puparium formed within the mine.

waardplanten: Juncaceae, nauw monofaag

hostplants: Juncaceae, narrowly monophagous

Luzula pilosa.

fenologie Larven in april-juni.

phenology Larvae in April - June.

verspreiding binnen Europa Polen, Tsjechië, Italië (Fauna Europaea, 2010).

distribution within Europe Poland, Czechia, Italy (Fauna Europaea, 2010).

larve Voorspiraculum met 18-20 papillen; achterspirauclum met drie sterk verlengde en klauwachtig gebogen papillen.

larva Anterior spiraculum with 20-20 papillae; posterior one with three papillae that are strongly elongated and curved clawlike.

puparium Ietwat afgeplat, geel- tot roodbruin, 2.5-3.5 mm lang; achterspiracula ongeveer even hoog als hun onderlinge afstand.

puparium Somewhat flattened, yellowish to reddish brown, 2.5 - 3.5 mm long; rear spiracula about as high as their mutual distance.

opmerkingen Behoort tot het subgenus Dizygomyza (Nowakowski, 1973a).

notes Member of the subgenus Dizygomyza (Nowakowski, 1973a).

literatuur

references

Nowakowski (1973a).

01/08/2010