Chromatomyia swertiae (Hering, 1937)

Diptera, Agromyzidae

mijn Aanvankelijk een een lange, zeer fijne, kronkelende, interparenchymale gang; gewoonlijk verbreedt deze zich tot een bovenzijdige blaas. Frass in spaarzame, lastig zichtbare korrels. Verpopping in de mijn, diep in het blad.

mine At first a long, tortuous, very fine, interparenchymatous gallery; usually it widens into an upper-surface blotch. Frass in scant, not easily visible, grains. Pupation in the mine, deep in the leaf tissue.

waardplanten: Gentianaceae, monofaag

hostplants: Gentianaceae, monophagous

Swertia perennis.

fenologie Larven in juli, augustus.

phenology Larvae in July, August.

verspreiding binnen Europa Duitsland, Polen, Litouwen (Fauna Europaea, 2010).

distribution within Europe Germany, Poland, Lithuania (Fauna Europaea, 2010).

puparium Geelrood, ovaal, met duidelijk insnijdingen tussen de segmenten.

puparium Yellowish red, oval, segment limits deeply incised.

synoniemen Phytomyza swertiae.

synonyms Phytomyza swertiae.

literatuur

references

Beiger (2005a), Hering (1954a, 1957a), de Meijere (1937a), Pakalniškis (2000a), von Tschirnhaus (1999a).

30/12/2012