Delia coronariae (Hendel, 1925)

Diptera, Anthomyiidae

mijn Grote, grotendeels boven- of onderzijdige blaasmijn, met veel grote, zwartgroene frasskorrels. De larve kan de mijn verlaten en elders oponieuw beginnen. Verpopping buiten de mijn.

mine Large, largely upper- or lower-surface blotch with numerous, large, greenish black frass grains. The larva may leave its mine and restart elsewhere. Pupation external.

waardplanten: Caryophyllaceae, oligofaag ?

hostplants: Caryophyllaceae, oligophagous ?

Cerastium semidecandrum; Silene flos-cuculi; Stellaria alsine.

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2010).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2010).

verspreiding binnen Europa Van Denemarken tot de Pyreneeën en Italië, en van Engeland tot Hongarijë (Fauna Europaea, 2010).

distribution within Europe From Denmark to the Pyrenees and Italy, and from Britain to Hungary (Fauna Europaea, 2010).

synoniemen Hylemyia, Phorbia coronariae.

synonyms Hylemyia, Phorbia coronariae.

opmerkingen De mijn is niet te onderscheiden van die van de veel gewonere Pegomya flavifrons. De imagines van coronariae hebben geheel zwarte poten, die van flavifrons hebbben gele tot roodachtige tibiae (Hering, 1957a).

notes The mine cannot be distinguished from that of the much more common Pegomya flavifrons. The adults of coronariae have entirely black legs, while those of flavifrons have yellowish to reddish tibiae (Hering, 1957a).

literatuur

references

Hering (1931f, 1957a), Séguy (1950a), Sønderup (1949a), Starý (1930a).

23/01/2017