Liriomyza dianthicola (Venturi, 1949)

Diptera, Agromyzidae

mijn Lange, vooral aanvankelijk zeer smalle gangmijn, die meestal van de top afdaalt in de richting van de bladbasis; laatste deel van de mijn vertakt of met onregelmatig uitgevreten randen. De larve verlaat voor de verpopping de mijn via een onderzijdige rechte snede in de lengterichting van het blad (Ciampolini, 1949a, 1952a).

mine Long, especially at the start very narrow, corridor, usually descending from the top towards the leaf basis; the final part of the mine is branched or has sides that are eaten out verry irregularly. Pupation outside the mine. Exit slit is a lower-surface, linear cut parallel to the leaf long axis (Ciampolini, 1949a, 1952a).

waardplanten: Caryophyllaceae, monofaag

hostplants: Caryophyllaceae, monophagous

Dianthus barbatus, caryophyllus, chinensis.

Schadelijk in de sierteelt van anjers (Spencer, 1966a).

A pest in carnation floriculture (Spencer, 1966a).

fenologie Larven in de zomer (Hering, 1957a).

phenology Larvae in the summer (Hering, 1957a).

BENELUX

BE waargenomen (De Bruyn & von Tschirnhaus, 1991a).

NE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2008).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2008).

BENELUX

BE recorded (De Bruyn & von Tschirnhaus, 1991a).

NE not recorded (Fauna Europaea, 2008).

LUX not recorded (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa Van België tot het Iberisch Schiereiland, en van Frankrijk tot Italië; ook in Tsjechië (Fauna Europaea, 2008); ook Slovenië (Maček, 1999a) en Jugoslavië (Spencer, 1966a).

distribution within Europe From Belgium to the Iberian Peninsula, and From France to Italy; also in Czechia (Fauna Europaea, 2008); also Slovenia (Maček, 1999a) and Yugoslavia (Spencer, 1966a).

larve Ze Ciampolini (1952a).

larva See Ciampolini (1952a).

puparium Zie Ciampolini (1952a).

puparium See Ciampolini (1952a).

synoniemen Paraphytomyza, Phytagromyza, Pseudonapomyza dianthicola; Phytomyza jannonei Séguy, 1950.

synonyms Paraphytomyza, Phytagromyza, Pseudonapomyza dianthicola; Phytomyza jannonei Séguy, 1950.

literatuur

references

Benavent, Martínez, Moreno & Jiménez (2004a), De Bruyn & von Tschirnhaus (1991a), Černý (2007a, 2011a), Černý & Merz (2006a, 2007a), Černý & Vála (1999a), Ciampolini (1949a, 1952a), Hering (1957a), Iwasaki & Mizushima (1997a), Maček (1999a), Séguy (1950a), Spencer (1966a), Venturi (1949a).

22/10/2014