Liriomyza gudmanni Hering, 1928

Diptera, Agromyzidae

mijn Bovenzijdige groenige gang in een bladslip. Frass in slierten. Verpopping buiten de mijn.

mine Upper-surface greenish corridor in a leaf segement. Frass in strings. Pupation outside the mine.

waardplanten: Asteraceae, monofaag

hostplants: Asteraceae, monophagous

Artemisia maritima, rupestris

Door de wollige beharing van de bladeren zijn de mijnen bijzonder moeilijk te vinden (von Tschirnhaus, 1981a).

Mines are very hard to find in the woolly leaves (von Tschirnhaus, 1981a).

fenologie Larven in juli en augustus (Hering, 1957a).

phenology Larvae in July and August (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2008).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa Noorwegen, Denemarken, Duitsland, Polen (Andersen & Jonassen, 1994a; Fauna Europaea, 2008).

distribution within Europe Norway, Denmark, Germany, Poland (Andersen & Jonassen, 1994a; Fauna Europaea, 2008).

larve Achterspiraculum met 3 papillen.

larva Rear spiraculum with 3 papillae.

puparium Oranjerood.

puparium Yellowish red.

literatuur

references

Andersen & Jonassen (1994a), Hering (1928a, 1930b, 1957a), Sønderup (1949a), Spencer (1976a), von Tschirnhaus (1981a, 1999a), Zlobin (1986b).

modif. 12.i.2009