Liriomyza richteri Hering, 1927

Diptera, Agromyzidae

mijn Mijn verschilt weinig van die van L. flaveola; de frasskorrels hebben een meer vage contour, en liggen, grote en kleine dooreen, slordig verspreid. Verpopping waarschijnlijk buiten de mijn.

mine Mine rather similar to the one of L. flaveola; frass grains large and small, irregularly scattered, with a more fuzzy outline. Pupation probably outside the mine.

waardplanten: Poaceae, monofaag (?)

hostplants: Paceae, monophagous (?)

Deschampsia flexuosa.

Waarschijnlijk niet de enige waardplant (Hering, 1960a).

Probably not the only hostplant (Hering, 1960a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2008).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa Europa westelijk van Finland, Polen, Italië (Fauna Europaea, 2008).

distribution within Europe Europe west of Finland, Poland, Italy (Fauna Europaea, 2008).

puparium Roodbruin, achterspiraculum met 3 papillen.

puparium Reddish brown, rear spiraculum with 3 papillae.

synoniemen L. pedestris Hendel, 1931. Op basis van genitaal-onderzoek wordt deze synonymie door moderne auteurs betwijfeld.

synonyms L. pedestris Hendel, 1931. On the base of study of the genitalia modern authors consider this synonymy doubtful.

literatuur

references

Černý (2004a, 2007a, 2011a), Černý, Barták & Roháček (2004a), Černý & Merz (2006a, 2007a), Černý & Vála (1999a), Černý, Vála & Barták (2001a), Griffiths (1964a), Hering (1955b, 1957a, 1960a), Kahanpää (2014a), Pakalniškis (1998a), Spencer (1957a, 1966b, 1967a, 1971a, 1972a,b, 1976a), von Tschirnhaus (1982a, 1999a), Vála & Rohacek (1983a), Withers (2007a).

25/09/2016